user_mobilelogo

 

 

Algemene voorwaarden voor levering van kraamzorg voor

 

kraamzorgorganisaties aangesloten bij BO

 

 

 

 

ontwikkelt door ActiZ & BTN

 

 

 

januari 2015

 

 

 

 

 

 

 

Deze Algemene Voorwaarden van ActiZ en BTN zijn tot stand gekomen in overleg met de Consumentenbond, de Nederlandse Patiënten Consumenten Federatie (NPCF) en de LOC Zeggenschap in Zorg in het kader van de Coördinatiegroep Zelfreguleringsoverleg (CZ) van de Sociaaleconomische Raad en treden in werking per 1 januari 2015. De CZ stelt het op prijs, indien zulks bij een citaat uit deze Algemene Voorwaarden wordt vermeld.

 

 

 

 

INHOUD:

1. ALGEMEEN

2. INFORMATIE

3. OVEREENKOMST EN NADERE AFSPRAKEN

4. PRIVACY

5. KWALITEIT EN VEILIGHEID

6. VERPLICHTINGEN VAN DE CLIËNTE

7. BETALING

8. BEËINDIGING VAN DE OVEREENKOMST

9. KLACHTEN EN GESCHILLEN

10. OVERIGE

 

 

 

 1. ALGEMEEN

ARTIKEL 1 - Definities

Cliënte:

de natuurlijke persoon die kraamzorg afneemt bij een kraamzorgaanbieder. Hieronder wordt voor de bevalling de zwangere en na de bevalling de kraamvrouw verstaan.

Kraamzorgaanbieder:

(rechts)persoon die kraamzorg verleent, gefinancierd op grond van Zorgverzekeringswet (Zvw) al dan niet in combinatie met particulier gefinancierde kraamzorg en/of aanvullende diensten.

Verloskundige:

een zelfstandig medisch beroepsbeoefenaar, die de zwangere vrouw en haar partner gedurende de zwangerschap en de bevalling begeleidt en regelmatig contact heeft met de vrouw. Ook wordt hieronder de verloskundig actieve huisarts verstaan.

Kraamverzorgende:

De natuurlijke persoon die kraamzorg en partusassistentie geeft onder de medische verantwoordelijkheid van de verloskundige.

Kraamzorg:

Zorg, ondersteuning, instructie en voorlichting aan de cliënte en de pasgeborene.

Minimale kraamzorg:

Het wettelijk minimum aantal uren kraamzorg exclusief partusassistentie van 24 uren verdeeld over acht dagen.

Indicatiestelling:

De indicatiestelling op basis van het Landelijk Indicatieprotocol Kraamzorg (LIP).

Landelijk Indicatieprotocol Kraamzorg (LIP):

Protocol waarin beschreven wordt wat kwalitatief verantwoorde kraamzorg is regelt de hoeveelheid uren kraamzorg die nodig is voor goede kraamzorg aan de cliënte en de pasgeborene.

Inschrijving:

Verzoek van de cliënte aan de kraamzorgaanbieder om kraamzorg te leveren.

Zorgovereenkomst:

De tussen de cliënte en de kraamzorgaanbieder gesloten overeenkomst met betrekking tot kraamzorg.

Intake:

Een persoonlijk of telefonisch gesprek tussen een vertegenwoordiger van de kraamzorgaanbieder en de cliënte voor week 34 van de zwangerschap, waarin onder andere de aard en omvang van de te leveren kraamzorg en eventuele aanvullende kraamzorg en diensten worden vastgesteld.

Wat de zorgbehoeftes van de cliënte zijn wat verwacht wordt om goede zorg te ontvangen.

Werkbegeleider:

De natuurlijke persoon die een kraamverzorgende in opleiding of stagiaire begeleidt op de werkplek/stageplek.

JGZ-overdracht:

Overdracht van gegevens uit de kraamperiode over onder andere de cliënte, de pasgeborene, de gezinssituatie, de bevalling en het verloop van de kraamzorgperiode aan de jeugdgezondheidszorg.

Incident:

Ieder niet beoogd of onvoorzien voorval in het kraamzorgproces met direct of op termijn merkbare gevolgen voor de cliënte en/of de pasgeborene.

Schriftelijk:

Onder schriftelijk wordt ook verstaan digitaal of per e-mail.

Elektronische weg:

Het overbrengen of opslaan van gegevens via een website, internet of e-mail.

Geschillencommissie:

De geschillencommissie Verpleging Verzorging en Thuiszorg, vallend onder de Stichting De Geschillencommissie in Den Haag.

 

 

 

 ARTIKEL 2 – Toepasselijkheid

1. Deze algemene voorwaarden zijn van toepassing op de overeenkomst.

2. Deze algemene voorwaarden beschrijven de rechten en plichten van de zorgaanbieder en cliënte.

3. Deze algemene voorwaarden laten dwingendrechtelijke bepalingen onverlet.

 

 

ARTIKEL 3 – Bekendmaking algemene voorwaarden

1. De kraamzorgaanbieder overhandigt deze algemene voorwaarden aan de cliënte voorafgaand aan

of bij de totstandkoming van de zorgovereenkomst en licht deze op verzoek van de cliënte mondeling

toe.

2a. Als de zorgovereenkomst tot stand komt via de elektronische weg dan kunnen de algemene

voorwaarden via de elektronische weg ter beschikking worden gesteld op een dusdanige wijze

dat ze opgeslagen kunnen worden zodat ze later toegankelijk zijn;

2b. Als de zorgovereenkomst niet via de elektronische weg tot stand komt dan kunnen de algemene

voorwaarden ook op vergelijkbare wijze via de elektronische weg worden verstrekt, echter

alleen als de consument hier mee akkoord gaat.

 

 

ARTIKEL 4 – Afwijking van de algemene voorwaarden

De kraamzorgaanbieder kan niet afwijken van deze algemene voorwaarden, tenzij dat uitdrukkelijk is overeengekomen met de cliënte en de afwijking niet in het nadeel is van de cliënte of de pasgeborene. Afwijkingen dienen schriftelijk te zijn overeengekomen.

 

 

2. INFORMATIE

ARTIKEL 5 - Duidelijke informatie

1. De kraamzorgaanbieder zorgt ervoor dat er duidelijke informatie beschikbaar is (schriftelijk of op

de website) zodat de cliënte een goede vergelijking kan maken met andere kraamzorgaanbieders,

teneinde een keuze te kunnen maken.

2. De kraamzorgaanbieder meldt in ieder geval:

a. dat er een overeenkomst tot stand komt op het moment dat de kraamzorgaanbieder de

inschrijving accepteert;

b. dat de cliënte tot 8 dagen na de acceptatie door de kraamzorgaanbieder het recht heeft

de overeenkomst ongedaan te maken;

c. eventuele voorbehouden ten aanzien van het kunnen leveren van de overeen te komen

kraamzorg.

3. De kraamzorgaanbieder zorgt ervoor dat de cliënte gedurende de looptijd van de overeenkomst voldoende geïnformeerd blijft

over voor haar en voor de pasgeborene relevante aangelegenheden aangaande de uitvoering van de overeenkomst.

4. De kraamzorgaanbieder gaat na of de cliënte de informatie begrepen heeft, alvorens een

inschrijving te accepteren.

 

 

3. ZORGOVEREENKOMST EN NADERE AFSPRAKEN

ARTIKEL 6 - De zorgovereenkomst

1. De schriftelijke of digitale inschrijving door de cliënte vormt het verzoek aan de

kraamzorgaanbieder om kraamzorg aan de cliënte te leveren. De kraamzorgaanbieder accepteert

de inschrijving schriftelijk of digitaal waarmee de zorgovereenkomst tot stand komt. De cliënte heeft

tot 8 dagen na ontvangst van de zorgovereenkomst het recht de overeenkomst ongedaan te maken.

2. Als de cliënte zich telefonisch inschrijft, stuurt de kraamzorgaanbieder cliënte, indien cliënte niet

beschikt over internet, een inschrijfset toe met daarin een zorgovereenkomst en het verzoek om de

overeenkomst in te vullen en ondertekend naar zorgaanbieder te sturen. Hierna ontvangt de cliënte

de door de zorgaanbieder ondertekende zorgovereenkomst retour.

3. De zorgovereenkomst houdt in elk geval in dat:

a. op het inschrijfformulier een verwijzing staat naar de aard en omvang van de kraamzorg. De aard

en omvang van de kraamzorg wordt tijdens het intakegesprek (voor week 34van de zwangerschap)

schriftelijk vastgesteld aan de hand van het Landelijk Indicatie Protocol, zie website;

b. als inschrijving heeft plaatsgevonden vóór de 5e maand van de zwangerschap de

geïndiceerde uren kraamzorg aan de hand van het LIP worden geleverd;

c. als inschrijving heeft plaatsgevonden in of na de 5e maand van de zwangerschap in ieder

geval de minimale kraamzorg wordt gegarandeerd; Artikel 6, lid 3 c. is niet van toepassing bij PKZ.

Toelichting: cliënte krijgt bij PKZ te allen tijde zorg volgens LIP;

d. zorgaanbieder in voorkomende gevallen de overeenkomst tijdelijk kan stopzetten of

definitief beëindigen in het geval dat er sprake is van onacceptabel gedrag van cliënte en/of

huisgenoten of wanneer de arbeidsomstandigheden dermate slecht zijn, zoals het binnenshuis niet mogen dragen van degelijk schoeisel of 

het moeten werken met ondeugdelijk materiaal (losse snoeren e.d),  dat de gezondheid en/of veiligheid van de kraamzorgverlener

niet kan worden gegarandeerd. E.e.a. ter beoordeling van de zorgaanbieder;

e. afspraken over aanvullende kraamzorg en diensten tijdens de intake (zie artikel 8) worden

besproken en schriftelijk worden vastgelegd in een addendum op de overeenkomst. Als dit

voor cliënte kosten oplevert, dient er een specificatie van de kosten in dit addendum opgenomen te

worden;

f. de cliënte een wettelijke eigen bijdrage verschuldigd is over de geleverde uren kraamzorg;

g. de zorgaanbieder een privacyreglement hanteert ter bescherming van de persoonlijke levenssfeer

van haar cliënten waarbij cliënte door het aangaan van de zorgovereenkomst echter wel direct

toestemming geeft voor overdracht aan de Jeugdgezondheidszorg (consultatiebureau) of andere

disciplines in de keten indien dit in het kader van de uitvoering van zorg en/of veiligheid noodzakelijk

wordt geacht. Er dient te allen tijd toestemming te worden gevraagd voor:

* gebruik van gegevens van de cliënte en de pasgeborene;  

* verplichte meting van zorginhoudelijke kwaliteitsindicatoren en voor de benadering van cliënten

   voor het meten van cliëntervaringen in de zorg (CQ-meting);

* controles door zorgverzekeraars ter uitvoering van het contract met kraamzorgaanbieder

   in overeenstemming met de geldende regels;

h. indien cliënte de kraamzorg wil annuleren, dit uitsluitend schriftelijk of via ons algemene

   e-mailadres dient te geschieden. De annuleringskostenregeling als volgt is:

* bij annulering binnen 8 dagen na aangaan van de zorgovereenkomst, zijn geen kosten verschuldigd

* bij annulering vanwege medische gronden of wegens verhuizing buiten het werkgebied van

   zorgaanbieder, zijn geen kosten verschuldigd;

* bij annulering tot en met 90 dagen voor de vermoedelijke bevallingsdatum brengt de

   zorgaanbieder € 50,00 annuleringskosten in rekening bij cliënte;

* bij annulering vanaf de 90e dag voor de vermoedelijke bevallingsdatum brengt de

   zorgaanbieder € 100,00 in rekening bij cliënte;

* bij (gedeeltelijke) annulering tijdens de kraamzorg, zonder dat er sprake is van herindicatie volgens

   Landelijk Indicatie Protocol, wordt het volledig aantal geïndiceerde uren in rekening gebracht bij

   cliënte.

i. wijziging van de overeenkomst alleen mogelijk is, na overleg tussen kraamzorgaanbieder en

   cliënte en dat deze schriftelijk moet worden vastgelegd;

j. er bij inschrijving een verwijzing is naar deze algemene voorwaarden en de toepasselijkheid

   hiervan.

 

 

ARTIKEL 7 – Afwijking van de overeenkomst

1. Afwijking van de overeengekomen kraamzorguren kan alleen in onderling overleg tot stand komen

en dient schriftelijk te worden vastgelegd. Afwijking van de wettelijk voorgeschreven minimale

kraamzorg is niet mogelijk. Bij afwijking van de overeenkomst kan in overleg door beide partijen

schriftelijk een genoegdoening afgesproken worden.

2. Een eigen bijdrage is de cliënte na afwijking van de overeenkomst alleen verschuldigd over het

werkelijk afgenomen aantal uren kraamzorg.

 

 

ARTIKEL 8 - De intake

1. Bij de intake bespreekt de kraamzorgaanbieder de indicatiestelling met de cliënte. In dit gesprek

wordt besproken:

a. de procedure ter verkrijging van een (her)indicatie conform het LIP en de toelichting over de (her)indicatie en de consequenties van voortijdige beëindiging van de kraamzorg door de cliënte;

b. de vaststelling van de aard en omvang van de te leveren kraamzorg aan de hand van het

LIP en de wensen van de cliënte;

c. een beschrijving en eventuele vaststelling van de aanvullende kraamzorg (vergoed door

zorgverzekeraar in aanvullend pakket of particulier gefinancierd) en van de diensten waar de

cliënte gebruik van kan maken en eventuele vaststelling daarvan wat volgens artikel 6 lid 2e

wordt vastgelegd.

2. Voor of tijdens de intake biedt de kraamzorgaanbieder de cliënte schriftelijke informatie aan over

tenminste de volgende punten:

a. de verantwoordelijkheidsverdeling tussen kraamverzorgende en verloskundige;

b. sleutelbeheer;

c. welke voorzieningen de cliënte moet treffen om de kraamverzorgende in staat te stellen

veilig te werken conform de regelgeving met betrekking tot arbeidsomstandigheden en

hygiëne, waarbij de cliënte wordt geacht voorwaarden te scheppen voor een goede werkhouding van

de kraamverzorgende door het kraambed, badje en aankleedtafel op voorgeschreven werkhoogte te brengen en

de kraamverzorgende in de gelegenheid te stellen om op veilig schoeisel de werkzaamheden uit te kunnen voeren. 

d. het gebruik van de auto van de cliënte en/of partner door de kraamverzorgende;

e. het parkeerbeleid;

f. het privacy beleid;

g. het medicatiebeleid;

h. de informatieplicht aan cliënte over inzet van kraamverzorgenden in opleiding;

i. de annuleringskostenregeling (zie artikel 6 lid 3 onder h).

j. de consequenties van de Arbeidstijdenwet en de collectieve arbeidsovereenkomst (cao)

voor de inzet van kraamverzorgenden (zie website PKZ)

k. schaderegeling: de regeling voor vergoeding van schade aan zaken of personen,

veroorzaakt door de medewerker van de kraamzorgaanbieder.

Zorgaanbieder hanteert de volgende schaderegeling:

* Schade veroorzaakt door een kraamzorgverlener dient zo spoedig mogelijk, doch uiterlijk

twee weken na beëindigen van de kraamtijd, schriftelijk  of via  e-mail  door cliënte bij PKZ te

worden gemeld. De schademelding wordt na binnenkomst bij PKZ, binnen twee werkdagen,

overgedragen aan de schadeverzekeraar van het bureau. Het is van belang dat cliënte bij

schade aan zaken altijd een aankoopbon kan overleggen. PKZ volgt in geval van uitkering, te

allen tijde, de uitspraak van de schade-expert van de verzekeraar. Het eigen risico bij schade

bedraagt voor de klant 45 euro per gebeurtenis.

* Elektrische kussentjes of dekentjes, elektrische kruiken, gel-, water-, of kersenpittenzakken

mogen niet worden gebruikt.

* PKZ draagt geen verantwoordelijkheid voor het gebruik van hulpmiddelen en andere

materialen, voor zover niet op advies van PKZ aangeschaft.

* Het is de kraamverzorgende niet toegestaan zorgtaken uit te voeren ten behoeve van

kinderen die niet tot het kraamgezin behoren.

* In bepaalde situaties kiest de klant er zelf voor om een huissleutel aan de

kraamzorgverlener in bruikleen te geven. De klant is hiervoor te allen tijde verantwoordelijk.

Bij verlies van de huissleutel of schade als gevolg van het in bruikleen geven van de sleutel,

kan de klant PKZ of haar kraamzorgverlener niet aansprakelijk stellen.

3. De in het intakegesprek gemaakte afspraken worden schriftelijk vastgelegd.

 

 

ARTIKEL 9 Het kraamzorgplan

1. De kraamverzorgende stelt op basis van de indicatiestelling uit het Landelijk

Indicatieprotocol (LIP) en in samenspraak met de cliënte een kraamzorgplan op bij aanvang van de

kraamzorg en noteert dit in het zorgdossier van cliënte.

2. Het kraamzorgplan bevat de doelen en afspraken afgestemd op de wensen,

gewoontes en omstandigheden van de cliënte en de pasgeborene.

3. In het kraamzorgplan wordt voorts in ieder geval vastgelegd:

- welke gezinsleden of andere mantelzorg bij de kraamzorgverlening worden betrokken;

- de gemaakte afspraken over ondersteuning, instructie en voorlichting te leveren door de

kraamverzorgende aan partner en/of andere gezinsleden;

- de momenten van evaluatie van het kraamzorgplan;

- de afspraken met de verloskundige en overige ketenpartners.

4. Als de kraamverzorgende de overeengekomen kraamzorg niet conform het kraamzorgplan kan

verlenen, stelt de kraamverzorgende/kraamzorgaanbieder de cliënte daarvan meteen in kennis. Als

de cliënte de overeengekomen kraamzorg niet conform het kraamzorgplan kan/wil ontvangen, stelt

de cliënte de kraamverzorgende en buiten de werktijden van de kraamverzorgende de

kraamzorgaanbieder daarvan meteen in kennis. In overleg en samenspraak met de cliënte wordt het

kraamzorgplan door de kraamverzorgende vervolgens bijgesteld.

 

 

4. PRIVACY

ARTIKEL 10 – Algemeen

1. Voor de in dit hoofdstuk bedoelde gegevens geldt onverkort wat is bepaald in de Wet bescherming persoonsgegevens.

2. Voor zover de in dit hoofdstuk bedoelde gegevens vallen onder de artikelen 7:446 – 7:468 van het Burgerlijk Wetboek, geldt onverkort wat daar is bepaald.

 

 

ARTIKEL 11 – Bewaren van gegevens

1. De kraamzorgaanbieder dient gegevens over de cliënte en de pasgeborene te bewaren. Deze

gegevens zijn vastgelegd in de zorgovereenkomst, het LIP-formulier, de JGZ-overdracht, de

urenregistratie en een weergave van de registratie, interpretatie en te nemen acties bij de cliënte

en/of de pasgeborene ten behoeve van signalering van gezondheidsproblemen.

2. Bij beëindiging van de overeenkomst bewaart de kraamzorgaanbieder bovenstaande gegevens en

blijven deze gegevens ter beschikking van zowel de kraamzorgaanbieder als de cliënte.

Voor de gegevens bedoeld in artikel 7:454 van het Burgerlijk Wetboek gelden de daar bepaalde

bewaartermijn en de rechten van de cliënte en ten aanzien van correctie en vernietiging. Voor

andere gegevens geldt de norm genoemd in de Wet bescherming persoonsgegevens.

 

 

ARTIKEL 12 – Gegevensverstrekking en verlening van inzage door de kraamzorgaanbieder aan derden

1. De kraamzorgaanbieder verstrekt zonder de schriftelijke toestemming van de cliënte geen (inzage

in) gegevens over de cliënte en de pasgeborene aan derden, behalve ter voldoening aan een

wettelijke verplichting of naleving van de meldcode kindermishandeling indien toestemming niet

gevraagd kan worden vanwege veiligheid kind/gezin.

2. Onder derden als bedoeld in het eerste lid worden niet verstaan de verloskundige en diegene die

namens en/of in opdracht van de kraamzorgaanbieder betrokken zijn bij de levering van de zorg,

voor zover de verstrekking van (inzage in) gegevens noodzakelijk is voor de door dezen te verrichten

werkzaamheden.

3. Na overlijden van de cliënte en/of de pasgeborene geeft de kraamzorgaanbieder desgevraagd

inzage in de door de kraamzorgaanbieder bewaarde gegevens aan de nabestaanden voor zover de

cliënte daarvoor schriftelijk toestemming heeft gegeven of toestemming mag worden verondersteld.

4. De kraamverzorgende en degenen die namens en/of in opdracht van de kraamzorgaanbieder

betrokken zijn bij de levering van de kraamzorg zijn gehouden aan een geheimhoudingsplicht. De

kraamzorgaanbieder stelt de cliënte hiervan op de hoogte.

 

 

5. KWALITEIT EN VEILIGHEID

ARTIKEL 13 – Kraamzorg

1. De kraamzorgaanbieder levert kraamzorg met inachtneming van de normen “verantwoorde

kraamzorg” zoals die door representatieve organisaties van in ieder geval kraamzorgaanbieders en

cliënten in overleg met de Inspectie voor de Gezondheidszorg zijn vastgesteld en de zorg omschreven

in het LIP.

2. De kraamzorgaanbieder zorgt ervoor dat alle kraamverzorgenden die binnen de organisatie van de

kraamzorgaanbieder of in opdracht van de kraamzorgaanbieder kraamzorg verlenen aan de cliënte:

a. hiertoe te allen tijde bevoegd en bekwaam zijn;

b. ingeschreven staan in het Kwaliteitsregister van het Kenniscentrum Kraamzorg

c. handelen overeenkomstig de voor de kraamverzorgende geldende professionele

standaarden waaronder de richtlijnen van de beroepsgroep en in ieder geval als een redelijk

bekwaam en redelijk handelend beroepsbeoefenaar. Afwijking van de professionele standaard moet

de kraamzorgverzorgende motiveren en aan de cliënte uitleggen. De kraamzorgverzorgende maakt

aantekening van de afwijking en van de uitleg aan de cliënte in het zorgdossier.

3. De kraamverzorgende in opleiding mag uitsluitend kraamzorg verlenen onder supervisie van een

werkbegeleider.

4 De kraamzorgaanbieder zorgt voor continuïteit van de kraamzorg.

 

 

ARTIKEL 14 – Veiligheid

De kraamzorgaanbieder maakt gebruik van deugdelijk materiaal dat zij voor de uitoefening van het beroep nodig heeft.

 

 

ARTIKEL 15 – Afstemming (één cliënte – meer zorgverleners)

Als de cliënte en/of de pasgeborene te maken heeft met twee of meer zorgverleners die namens of in opdracht van de kraamzorgaanbieder betrokken zijn bij de levering van de kraamzorg zorgt de kraamzorgaanbieder ervoor dat:

a. alle betrokken zorgverleners elkaar bij overdracht of via het zorgdossier informeren en

indien nodig bevragen over relevante gegevens van de cliënte en/of de pasgeborene, waarbij

de ervaringen van de cliënte worden meegenomen en de cliënte daarover wordt

geïnformeerd;

b. de taken en verantwoordelijkheden rond de kraamzorgverlening aan de cliënte en/of de

pasgeborene tussen de betrokken zorgverleners helder zijn afgebakend en afgestemd;

c. alle zorgverleners het zorgdossier bijhouden en raadplegen.

 

 

ARTIKEL 16 – Incidenten

1. Zo spoedig mogelijk na een incident informeert de kraamzorgaanbieder de cliënte over:

a. de aard en de oorzaak van het incident;

b. of en welke maatregelen zijn genomen om soortgelijke incidenten te voorkomen.

2. Als een incident gevolgen heeft voor de gezondheidstoestand van de cliënte en/of de

pasgeborene, bespreekt de kraamverzorgende dit meteen met de verloskundige.

3. De kraamverzorgende verleent adequate kraamzorg op instructie van de verloskundige teneinde

de gevolgen van het incident voor de cliënte en/of de pasgeborene te beperken.

4. In geval een incident direct om ingrijpen vraagt, handelt de kraamverzorgende direct en meldt dit

zo spoedig mogelijk aan de verloskundige.

5. De kraamzorgorganisatie zorgt voor adequate melding van incidenten in de daarvoor vastgestelde

registratiesystemen.

 

 

ARTIKEL 17 – Zorg voor persoonlijke eigendommen

De kraamzorgaanbieder zorgt ervoor dat degenen die onder zijn verantwoordelijkheid betrokken zijn bij de kraamzorg voor de cliënte en de pasgeborene, zorgvuldig omgaan met hun eigendommen.

 

 

6. VERPLICHTINGEN VAN DE CLIENTE

ARTIKEL 18 – Verplichtingen van de cliënte

1. De cliënte legitimeert zich voorafgaand aan de totstandkoming van de zorgovereenkomst of

gedurende de looptijd van de overeenkomst op verzoek van de kraamzorgaanbieder met een

wettelijk erkend, geldig legitimatiebewijs.

2. De cliënte geeft de kraamzorgaanbieder, mede naar aanleiding van diens vragen, naar beste weten

de inlichtingen en de medewerking die deze redelijkerwijs voor het uitvoeren van de overeenkomst

behoeft.

3. De cliënte onthoudt zich van gedrag zoals agressie, discriminatie, (seksuele) intimidatie en/of

Intimidatie en/of ander gedrag dat schadelijk is voor de gezondheid of het welzijn van de

kraamverzorgende en andere personen werkzaam bij of in opdracht van de kraamzorgaanbieder. De

cliënte spant zich tevens in dat gezinsleden en bezoekers zich onthouden van bovenstaand gedrag.

4. De cliënte verleent alle noodzakelijke medewerking om de kraamzorgaanbieder in staat te stellen

kraamzorg conform de regelgeving betreffende de arbeidsomstandigheden en hygiëne te kunnen

laten geven.

5. De cliënte moet kraamverzorgende en andere personen werkzaam bij of in opdracht van de

kraamzorgaanbieder de gelegenheid bieden hun taken uit te voeren zoals vastgelegd in het

kraamzorgplan of in het kader van veiligheid.

6. Zodra de cliënte kraamzorg en/of diensten ontvangt van een andere kraamzorgaanbieder,

informeert zij de kraamzorgaanbieder daarover.

7. De cliënte wordt geacht verzekerd te zijn voor wettelijke aansprakelijkheid.

 

 

7. BETALING

ARTIKEL 19 Betaling

1. De cliënte is de kraamzorgaanbieder de overeengekomen prijs verschuldigd voor de

overeengekomen kraamzorg en diensten voor zover deze niet op grond van de Zvw dan wel

rechtstreeks door de zorgverzekeraar zijn verschuldigd.

2. Voor de overeengekomen kosten van aanvullende kraamzorg, eigen bijdrage en/of diensten als

bedoeld in artikel 6 lid 3 onder e en f stuurt de kraamzorgaanbieder een duidelijke en

gespecificeerde factuur aan de cliënte.

3. De kraamzorgaanbieder stuurt na het verstrijken van een betalingstermijn van 14 dagen een

betalingsherinnering en geeft de cliënte de gelegenheid binnen 14 dagen na ontvangst van de

herinnering alsnog te betalen.

4. Als na het verstrijken van de tweede betalingstermijn nog steeds niet is betaald is de

kraamzorgaanbieder gerechtigd wettelijke rente en buitengerechtelijke incassokosten in rekening te

brengen vanaf het verstrijken van de eerste betalingstermijn.

 

 

8. BEËINDIGING VAN DE OVEREENKOMST TIJDENS ZORGPERIODE

ARTIKEL 20 - Beëindiging overeenkomst

1. De overeenkomst eindigt:

a. door opname van de cliënte in een ziekenhuis als deze niet binnen 10 dagen na de

bevalling uit het ziekenhuis terugkeert en de pasgeborene gedurende deze 10 dagen geen

kraamzorg nodig heeft, tenzij de cliënte aanvullend verzekerd is voor uitgestelde kraamzorg;

b. door opname van de pasgeborene in een ziekenhuis als deze niet binnen 10 dagen na de

bevalling uit het ziekenhuis terugkeert en de cliënte geen kraamzorg nodig heeft gedurende

deze 10 dagen, tenzij de cliënte aanvullend verzekerd is voor uitgestelde kraamzorg;

c. bij wederzijds goedvinden wat schriftelijk wordt vastgelegd;

d. door overlijden van de cliënte als de pasgeborene geen kraamzorg nodig heeft;

e. door overlijden van de foetus als de cliënte geen kraamzorg nodig heeft;

f. op basis van medische gronden bij de cliënte.

2. Indien de cliënte de zorgovereenkomst anders dan op basis van bovenstaande onderdelen

eenzijdig opzegt, brengt de kraamzorgaanbieder annuleringskosten in rekening (zie artikel 6, lid 3

onder h).

 

 

ARTIKEL 21 – Opzegging door de kraamzorgaanbieder

De kraamzorgaanbieder kan de overeenkomst uitsluitend schriftelijk opzeggen om gewichtige redenen mits is voldaan aan de volgende voorwaarden:

a. de kraamzorgaanbieder heeft de gronden waarop de voorgenomen opzegging berust met

de cliënte besproken (zie artikel 6,lid 3 onder d);

b. de kraamzorgaanbieder heeft met de cliënte een passend alternatief besproken;

c. de kraamzorgaanbieder heeft de cliënte gewezen op de mogelijkheid een klacht in te

dienen.

 

 

9. KLACHTEN EN GESCHILLEN

ARTIKEL 22 – Klachtenregeling

1. De kraamzorgaanbieder beschikt over een op de Wet Klachtrecht cliënten zorgsector gebaseerde

en voldoende bekend gemaakte regeling voor de opvang en afhandeling van klachten en behandelt

de klacht overeenkomstig deze klachtenprocedure (zie website www.pkzkraamzorg.nl)

2. Als de klacht niet naar tevredenheid is afgehandeld, is er sprake van een geschil dat vatbaar is voor

de geschillenregeling. De termijn voor het aanhangig maken van een geschil bedraagt drie maanden

(art.23) en vangt aan op het moment dat de klacht volgens de klachtenregeling van de

kraamzorgaanbieder afgehandeld is.

 

 

ARTIKEL 23 – Toepasselijk recht en geschillenregeling

1. Op deze algemene voorwaarden is Nederlands Recht van toepassing.

2. Geschillen tussen de cliënte enerzijds en de kraamzorgaanbieder anderzijds over de

totstandkoming of de uitvoering van de zorgovereenkomst, kunnen zowel door de cliënte als door de

kraamzorgaanbieder schriftelijk aanhangig worden gemaakt bij de Geschillencommissie Verpleging

Verzorging en Thuiszorg, Postbus 90600, 2509 LP Den Haag, (www.degeschillencommissie.nl).

3. Ten aanzien van geschillen over aansprakelijkheid voor schade is de geschillencommissie slechts bevoegd als de vordering een financieel belang van 5.000 euro niet te boven gaat.

4. Een geschil wordt door de geschillencommissie slechts in behandeling genomen, als de cliënte zijn

klacht eerst volledig en duidelijk omschreven in overeenstemming met artikel 22 schriftelijk bij de

kraamzorgaanbieder heeft ingediend.

5. Een geschil dient binnen drie maanden na het ontstaan ervan zoals aangegeven in artikel 22 lid 4

bij de geschillencommissie aanhangig te worden gemaakt.

6. Wanneer de cliënte een geschil voorlegt aan de geschillencommissie, is de kraamzorgaanbieder aan deze keuze gebonden. Als de kraamzorgaanbieder een geschil aan de geschillencommissie wil voorleggen, moet hij de cliënte vragen zich binnen vijf weken schriftelijk uit te spreken of zij daarmee akkoord gaat.

7. De geschillencommissie doet uitspraak met inachtneming van de bepalingen van het voor haar

geldende reglement dat kan worden opgevraagd bij de geschillencommissie. De geschillencommissie

beslist in de vorm van een bindend advies.

8. De cliënte is voor de indiening van een geschil een vergoeding verschuldigd.

9. Geschillen kunnen ter beslechting uitsluitend worden voorgelegd aan de hierboven

genoemde geschillencommissie of aan de rechter.

 

 

10. OVERIGE

ARTIKEL 24 – Wijziging

Deze algemene voorwaarden kunnen slechts worden gewijzigd in overleg tussen ActiZ en Branchebelang Thuiszorg Nederland enerzijds en de Consumentenbond, de LOC Zeggenschap in de zorg en de Nederlandse Patiënten Consumenten Federatie anderzijds.

 

 

 

Artikelsgewijze toelichting bij de algemene leveringsvoorwaarden kraamzorg

1. Algemeen

De geboortezorg is in beweging. Deze Algemene Voorwaarden Kraamzorg zijn per 1 januari 2015 redactioneel aangepast en zullen worden geactualiseerd zodra de Zorgstandaard Integrale Geboortezorg door de betrokken organisaties is geautoriseerd.

Artikel 1 Definities

Cliënte: Onder cliënte wordt verstaan de (minderjarige) zwangere/kraamvrouw.

Kraamzorgaanbieder: onder deze definitie vallen alle kraamzorgaanbieders (zowel rechtspersonen als natuurlijke personen) die een contract voor het leveren van kraamzorg hebben afgesloten met zorgverzekeraars en kraamzorg leveren gefinancierd door Zvw, en alle kraamzorgaanbieders die een mix leveren van publiek en particulier gefinancierde kraamzorg. Bij sommige kraamzorgaanbieders kan een cliënte namelijk in aanvulling op het Zvw pakket kraamzorg afnemen die niet in het basis en/of aanvullende pakket van de polis van de zorgverzekeraar is opgenomen. Een gecontracteerde kraamzorgaanbieder (hoofdaannemer) kan ervoor kiezen de kraamzorg te laten leveren door andere kraamzorgaanbieders (onderaannemers) zijnde rechtspersonen en/of natuurlijke personen. Deze andere kraamzorgaanbieders dienen dan deze Algemene Voorwaarden toe te passen c.q. uit te voeren. De gecontracteerde kraamzorgaanbieder (hoofdaannemer) blijft in alle gevallen eindverantwoordelijk.

Kraamzorg: is zorg gefinancierd uit de Zvw opgenomen in het basispakket. Daarnaast kan er sprake zijn van een aanvullende pakket van de kraamzorgverzekeraar en/of particuliere kraamzorg gefinancierd door de cliënte zelf.

Ook leveren sommige kraamzorgaanbieders aanvullende diensten zoals verhuur van hulpmiddelen, cursussen, etc.

Artikel 2 lid 2 Toepasselijkheid

Dit betekent dat dwingendrechtelijke wettelijke bepalingen altijd voorgaan boven deze Algemene Voorwaarden.

Artikel 3 Bekendmaking algemene voorwaarden

Volgens de wet en de daarop gebaseerde jurisprudentie moeten de algemene voorwaarden in principe altijd door of namens degene die het contract aangaat fysiek aan de cliënte worden overhandigd. Dit is bijvoorbeeld in de VVT sector. Er zijn echter twee andere mogelijkheden:

-      Als de overeenkomst via de elektronische weg tot stand is gekomen, dan mogen de algemene voorwaarden ook via elektronische weg ter hand worden gesteld. Echter ze moeten wel opgeslagen kunnen worden en toegankelijk blijven voor latere raadpleging. Dit betekent dat de cliënte ze moet kunnen downloaden. Als dit redelijkerwijs niet mogelijk is dan moet de kraamzorgaanbieder ze later alsnog via e-mail sturen.

-      Als de overeenkomst niet via de elektronische weg tot stand is gekomen, dan kan de kraamzorgaanbieder ze ook langs elektronische weg (zelfde voorwaarden als

        hierboven) ter beschikking stellen maar alleen als er uitdrukkelijke toestemming is van de consument dat ze elektronisch worden verstrekt. Er moet dan dus bijvoorbeeld een apart onderdeel zijn op het contract wat aangekruist kan worden waarbij de consument instemt met het via e-mail/internet verstrekken van de algemene voorwaarden.

In elk geval moet de cliënte akkoord zijn met de algemene voorwaarden voordat zij een overeenkomst sluit.

Artikel 5 lid 1 Duidelijke informatie

Indien de kraamzorgaanbieder op www.kiesbeter.nl zijn gegevens heeft vermeld is voldaan aan de informatie zoals vermeld in artikel 5. Zo niet, dan zal de kraamzorgaanbieder dezelfde informatie op een andere manier beschikbaar moeten stellen.

Artikel 5 lid 2c

De kraamzorgaanbieder kan bijvoorbeeld op zijn website aangeven dat de mate waarin de geïndiceerde uren kraamzorg kunnen worden geleverd, afhankelijk is van de regio, de periode waarin de kraamzorg nodig is en het moment van inschrijving.

Artikel 5 lid 4

Het gaat erom dat de kraamzorgaanbieder bij acceptatie van de inschrijving er zeker van is dat de cliënte het heeft begrepen. Dit kan door de website in te richten met het bekende hokje dat de cliënt moet aanvinken voordat zij verder gaat met het inschrijvingsproces. Of, bij andere methode van inschrijving, door in het telefoongesprek dit nog uitdrukkelijk te vragen.

Artikel 6 De zorgovereenkomst

De overeenkomst, waarvan de algemene leveringsvoorwaarden onderdeel uit maken wordt individueel met de cliënte afgesloten. Deze zorgovereenkomst wordt ondertekend door de cliënte en de Raad van Bestuur/directie of degene die door de Raad van Bestuur/directie is gemachtigd tot het tekenen van de overeenkomst. Indien de cliënte jonger dan 18 jaar is, dient de wettelijk vertegenwoordiger te tekenen. Van belang is dat de cliënte voor dat deze de zorgovereenkomst sluit, op de hoogte is van de voorwaarden en hiermee instemt. Zie verder artikel 3 en de toelichting van artikel 3. Dit laat onverlet dat vanaf de leeftijd van 16 jaar zelfstandig het kraamzorgplan kan worden overeengekomen tussen kraamverzorgende en cliënte.

Artikel 6 lid 2 e en f

De hoogte van de eigen bijdrage wordt jaarlijks door het Zorginstituut (ZI)vastgesteld. De hoogte van de eigen bijdrage is op te vragen bij ZI of de kraamzorgaanbieder. In sommige gevallen kan de zorgverzekeraar de wettelijke eigen bijdrage of aanvullende kraamzorg bij een aanvullende verzekering vergoeden aan de cliënte. Het is aan de cliënte om na te gaan of dit in haar situatie het geval is.

Artikel 8 lid 2h en 2 i: De intake

Indien de kraamzorgaanbieder bij een intakegesprek of bij de kraamzorg een stagiaire aanwezig wil laten zijn, moet hij daarvoor toestemming krijgen van de cliënte. Indien de kraamzorg wordt gegeven door een kraamverzorgende in opleiding dan informeert de kraamzorgaanbieder de cliënte hierover.

De kraamzorgaanbieder informeert de cliënte bij het maken van de intakeafspraak over de annuleringskosten voor het niet afzeggen van een intakegesprek. De kosten voor het niet afzeggen van een intakegesprek bedragen ten hoogste het tarief voor intakekosten.

Artikel 11 lid 1 Bewaren van gegevens

Bij een weergave van de registratie, interpretatie en te nemen acties bij de kraamvrouw ten behoeve van signalering van gezondheidsproblemen moet tenminste bewaard worden:

- Weergaven van de temperatuur;

- Weergave van de sociale, emotionele en fysieke gesteldheid.

Bij een weergave van de registratie, interpretatie en te nemen acties bij de pasgeborene ten behoeve van signalering van gezondheidsproblemen moet tenminste bewaard worden:

- Weergave van de temperatuur;

- Weergave van de vochtbalans;

- Weergave van de kleur van de huid;

- Weergave van het gewicht.

- Weergave van de voeding

Artikel 11 lid 2

De Wet bescherming persoonsgegevens (WBP) geeft geen concrete bewaartermijn voor persoonsgegevens. De WBP regelt dat persoonsgegevens niet langer bewaard mogen worden dan noodzakelijk is voor de doeleinden waarvoor zij zijn verzameld of worden gebruikt. De kraamzorgaanbieder bepaalt aan de hand van het doel hoelang de gegevens bewaard moeten worden. Dit is een algemene regel waarvan de uitwerking per situatie kan verschillen.

Het is aan de kraamzorgaanbieder om te bepalen of hij de cliënte kopieerkosten in rekening brengt. Als hij dat doet, mag hij niet meer in rekening brengen dan het maximum bepaald in het Besluit kostenvergoeding rechten betrokkene Wet bescherming persoonsgegevens van 13 juni 2001. Ten behoeve van de bedrijfsvoering en overdracht is bewaren van overige documenten anders dan medische gegevens, noodzakelijk.

Artikel 12 Gegevensverstrekking en verlening van inzage door de kraamzorgaanbieder aan derden

De regeling in lid 1 en 2 is gebaseerd op artikel 7: 457 van het Burgerlijk Wetboek (Wgbo) en artikel 8 Wet bescherming persoonsgegevens.

De meldcode zoals genoemd in lid 1 is opgesteld door organisaties zoals de KNMG en V&VN.

Artikel 12 lid 2

Hierin wordt aangegeven dat onder "derden" niet worden verstaan degenen die rechtstreeks betrokken zijn bij de uitvoering van de overeenkomst. Dit betekent dat de gegevens intern bij de kraamzorgaanbieder gebruikt worden ten behoeve van de individuele kraamzorg aan de betrokken cliënte en bijvoorbeeld voor interne kwaliteitsbewaking en (financiële) administratie.

Artikel 12 lid 3

De veronderstelde toestemming bij overlijden is gebaseerd op jurisprudentie. Indien er geen sprake is van door cliënte gegeven toestemming voor dossierinzage door een derde, kan het beroepsgeheim na overlijden slechts worden doorbroken als kan worden uitgegaan van veronderstelde toestemming van die cliënte of als de belangen van nabestaanden bij inzage zodanig zwaarwegend zijn dat zij in redelijkheid behoren te worden geplaatst boven het belang dat de geheimhoudingsplicht behoort te beschermen. Voorbeelden uit de jurisprudentie zijn gegevens die nodig zijn bij een levensverzekeringsuitkering of erfelijkheidsonderzoek.

Artikel 12 lid 4

De geheimhoudingsplicht vloeit voort uit wetgeving zoals de wet Beroepen Individuele Gezondheidszorg (Wet Big), Wet bescherming persoonsgegevens (WBP) en de Wet geneeskundige behandelingsovereenkomst (Wgbo) en is nader uitgewerkt in de beroepscodes. Deze beroepscodes zijn opgesteld door beroepsorganisaties zoals V&VN en NBvK. Ook kan de geheimhoudingsplicht contractueel voortvloeien bijvoorbeeld uit de arbeidsovereenkomst zodat bijvoorbeeld ook de administratief medewerker gehouden is aan de geheimhoudingsplicht.

Artikel 13 lid 1 Kraamzorg

De normen waarnaar wordt verwezen in lid 1 zijn opgenomen in de visie op Verantwoorde Kraamzorg die onder andere door BTN, ActiZ, IGZ, diverse beroepsgroepen en patiënten-/cliëntenorganisaties zijn opgesteld. Bijvoorbeeld via kiesvoorjezorg.nl of zorgkaartnederland.nl.

Artikel 14 in relatie met artikel 18 lid 4 Verplichtingen van de cliënte

Hieronder wordt onder andere verstaan dat de cliënte verantwoordelijk is voor de aanwezigheid van deugdelijk en veilige materialen die door de kraamverzorgende gebruikt moeten worden. Daarnaast moet de zorgaanbieder ook conform artikel 14 gebruik maken van deugdelijk materiaal.

Artikel 19, lid 2 en 3 Betaling

Voor de overeengekomen aanvullende kraamzorg die voor rekening van de cliënte komt, de eigen bijdrage en voor de overeengekomen diensten die voor rekening van de cliënte komen, krijgt zij een gespecificeerde factuur.

Artikel 21 lid 1 a Opzegging door de kraamzorgaanbieder

Wat onder gewichtige redenen moet worden verstaan is afhankelijk van de omstandigheden.

In het algemeen zal sprake zijn van een gewichtige reden als de cliënte geen medewerking verleent om de kraamzorgaanbieder in staat te stellen zich aan de regelgeving omtrent arbeidsomstandigheden te houden (art. 18 lid 5) De arbeidsinspectie zal in dat geval immers de kraamzorgaanbieder beletten de overeenkomst verder uit te voeren (of een boete opleggen als de kraamzorgaanbieder de regels overtreedt).

Op grond van rechterlijke uitspraken blijkt dat opzegging wegens gewichtige redenen

onder bijzondere omstandigheden toelaatbaar wordt geacht. Bij de vraag of er in geval van gedrag als bedoeld in artikel 21 lid 3 of lid 5 voldoende gewichtige redenen zijn, wordt rekening gehouden met de vraag of sprake is van een ernstige mate van bedreiging en/of intimidatie die de situatie onwerkbaar maakt en/of de vertrouwensrelatie onherstelbaar heeft verstoord, dan wel een ernstige verstoring van de dagelijkse gang van zaken die de zorgverlening aan anderen in gevaar brengt.

Zowel de handelwijze van de cliënte, als die van diens partner/familie jegens de kraamverzorgende/kraamzorgaanbieder kan van belang zijn. Doorgaans zal, tenzij de situatie zeer acuut en ernstig is, opzegging van de zorgovereenkomst wegens gewichtige redenen niet zonder meer kunnen geschieden. Met name wordt ook gekeken naar de zorgvuldigheid van handelen door de kraamzorgaanbieder. Gelet op de praktijk en de jurisprudentie zullen ten aanzien van deze zorgvuldigheid doorgaans de volgende vereisten gelden:

1) Er dient meerdere malen op verandering van het gedrag gewezen te zijn en deze aanwijzingen dienen bij voorkeur in het kraamzorgplan te worden opgenomen.

2) De cliënte (en familie) moet worden gewezen op de gevolgen van het niet nakomen van de afspraken inzake de verandering van het gedrag.

Artikel 21 sub b

Wat onder “passend” moet worden verstaan, kan uiteenlopen van een goede andere kraamzorgaanbieder zoeken tot het alleen maar inlichten van de zorgverzekeraar in het extreme geval dat doorgaan met het verlenen van de zorg redelijkerwijs niet kan worden verwacht, bijvoorbeeld bij ernstig misdragen door de cliënte of gezinsleden. Wat passend is, is dus sterk afhankelijk van de omstandigheden en zal uiteindelijk door de geschillencommissie verder worden ingevuld.

Artikel 22 Klachtenregeling

De kraamzorgaanbieder houdt zich aan de klachtenregeling van de brancheorganisatie waarbij deze is aangesloten (ActiZ of BTN). Deze regeling voldoet aan de eisen van de Wet Klachtrecht cliënten zorgsector.

Artikel 23 lid 3

Dit artikel geldt niet voor zaken zoals het niet willen betalen van een factuur door de cliënte of het weigeren in te gaan op een incassoverzoek aan de cliënte ingezet door de kraamzorgaanbieder. Dit omdat de kosten erg hoog kunnen oplopen voor de zorgaanbieder bij dergelijke geschillen. Want ook al wordt de zorgaanbieder eventueel in het gelijk gesteld door de geschillencommissie dan nog zijn de kosten van de behandeling van het geschil voor de zorgaanbieder. En deze bedragen zijn vaak vele malen hoger dan de niet betaalde kosten.

Artikel 23 lid 5

Indien de cliënte het geschil niet binnen 3 maanden na het ontstaan ervan bij de geschillencommissie aanhangig maakt, wordt het geschil niet meer door de Geschillencommissie in behandeling genomen.

Artikel 23 lid 7

De Geschillencommissie beslist in de vorm van een bindend advies. Dit betekent dat het geschil niet meer voorgelegd kan worden aan de rechter. Er is dus geen hoger beroep mogelijk.

Artikel 24 Wijziging

Deze algemene voorwaarden zijn opgesteld door ActiZ en Branchebelang Thuiszorg Nederland enerzijds en de Consumentenbond, de LOC Zeggenschap in de zorg en de Nederlandse Patiënten Consumenten Federatie anderzijds.